Marcus Aurelius dankte hem voor de aantekeningen van Epictetus en het inzicht dat zijn karakter werk nodig had. Als stadsprefect veroordeelde hij Justinus ter dood.
Quintus Junius Rusticus was een Romeinse senator en Stoïcijn, uit een familie die al voor haar filosofie had betaald: hij geldt doorgaans als kleinzoon van Arulenus Rusticus, die door Domitianus werd terechtgesteld. Hij onderwees de jonge Marcus Aurelius en werd de raadsman op wie Marcus het meest vertrouwde. Marcus maakte hem in 162 voor de tweede keer consul, en stadsprefect van Rome, het hoogste burgerlijke ambt in de hoofdstad, dat hij tot ongeveer 168 bekleedde.
In het eerste boek van de Overpeinzingen, waar Marcus opsomt wat hij aan wie te danken heeft, krijgt Rusticus een van de langste passages. Van hem, schrijft Marcus, leerde hij dat zijn karakter correctie en training nodig had. Niet verdwalen in pronkerige redeneringen, bespiegelende verhandelingen of preekjes, en zich niet voordoen als iemand die zo gedisciplineerd of zo vrijgevig is. Wegblijven van retoriek en mooischrijverij. Brieven eenvoudig schrijven, zoals de brief die Rusticus ooit vanuit Sinuessa aan Marcus' moeder schreef. Zich makkelijk verzoenen met wie hem had gekwetst, zodra die terug wilde komen. Zorgvuldig lezen in plaats van genoegen nemen met de grote lijn, en niet snel instemmen met mensen die veel praten. En ten slotte: kennismaken met de aantekeningen van Epictetus, die Rusticus hem uit zijn eigen bibliotheek gaf. Het verhaal van die lijst staat in de casus Marcus en het eerste boek.
Een latere en niet altijd betrouwbare levensbeschrijving voegt eraan toe dat Marcus hem in alles raadpleegde, publiek en privé, hem in het bijzijn van de pretoriaanse prefecten met een kus begroette, en na zijn dood de Senaat vroeg standbeelden voor hem op te richten.
Als prefect zat Rusticus rond 165 het proces voor tegen de christelijke leraar Justinus en een aantal metgezellen. Het verslag van de zitting is bewaard. Hij ondervroeg hen, droeg hun op aan de goden te offeren, en toen zij weigerden veroordeelde hij hen tot geseling en onthoofding.
De Overpeinzingen zijn een bron uit eerste hand en het beste wat we hebben. De levensbeschrijving is laat en vraagt om voorzichtigheid. De familieband met Arulenus is waarschijnlijk, niet bewezen. Het verslag van het proces tegen Justinus bestaat in meerdere versies; de kortste geldt als dicht bij het gerechtelijk verslag.
Waar Marcus hem voor bedankt is geen leerstelling maar een manier van opletten: goed lezen, eenvoudig schrijven, ophouden met indruk maken. Dat was van hem om te geven, en het bleef. Het proces hoort op dezelfde pagina. De verdeling tussen wat van jou is en wat niet vertelt je niet hoe je macht moet gebruiken, en wat Rusticus met de zijne deed, was van hem.
Yours, Not Yours · Een stoïcijnse oefenplek · Alle casussen · Over deze site · Vraag of suggestie