HomeOnderwerpen

Geld en bezit

Geld is in stoïcijnse termen niet goed en niet slecht; het is materiaal, en het gaat erom of jij het vasthoudt of het jou. De toets is niet wat je bezit maar wat er zou overblijven als het wegviel. Deze oefeningen leggen die vraag in alledaagse situaties.

44 oefeningen en casussen over geld en bezit, vanuit de stoïcijnse gewoonte om te sorteren wat van jou is en wat niet.

Casussen bij dit onderwerp

Cleanthes en de waterputtenGeld en bezitSeneca en de aanklacht van rijkdomGeld en bezitCrates en het weggegeven fortuinGeld en bezitDemetrius en het geschenk van de keizerGeld en bezit

Splitsingen bij dit onderwerp

Haal de situatie uit elkaar. Elk stuk gaat in één bakje; een derde optie is er niet.

De situatie
Je beleggingen staan flink in de min.
Van jou
  • Of je vandaag drie keer de koers opzoekt.Kijken verandert niets aan de stand en veel aan je hoofd. Het is de handeling die de onrust voedt, en het is de goedkoopste om te staken.
  • Of je je plan volgt of je angst.Het plan is geschreven door jou op een rustige dag, precies met het oog op een dag als vandaag. Welke van de twee je gehoorzaamt is de enige echte beslissing die er ligt.
  • Of je je uitgaven aanpast waar dat nodig is.Concreet, saai en volledig binnen bereik. Handelen in het deel dat van jou is, is ook het beste middel tegen het gevoel van machteloosheid in het deel dat dat niet is.
Niet van jou
  • Dat de markt gedaald is.Miljoenen beslissingen van vreemden, opgeteld tot een getal. Er is geen versie van deze week waarin jouw mening daar iets aan doet.
  • Wanneer het herstelt, als het herstelt.Niemand weet dit, ook de mensen niet die er stellig over doen op televisie. Onzekerheid over de toekomst is de normale toestand en niet een storing.
  • Dat het voelt alsof je iets kwijt bent.Dat gevoel komt vanzelf en is geen rekenfout. De Stoïcijnen zouden er alleen aan toevoegen dat je het nooit had zoals je dacht: bezit is bruikleen, en de markt herinnert je daar alleen wat harder aan.
De redenering. Geld is in stoïcijnse termen materiaal: niet goed, niet slecht, en niet van jou in de zin die ertoe doet. De splitsing maakt dat concreet. Twee van de drie stukken in jouw kolom zijn handelingen van vanmiddag, en het derde is een keuze tussen twee stemmen in je hoofd. Alles wat je werkelijk bezighoudt, de stand en het herstel, staat links, waar geen enkele knop zit.
De situatie
Een vriend verdient het dubbele voor werk dat jij minder goed vindt.
Van jou
  • Of je zijn inkomen tot maat van je eigen vak maakt.Op het moment dat je dat doet, laat je de markt bepalen wat goed werk is. Dat is een oordeel dat je vrijwillig uit handen geeft.
  • Of je uitzoekt wat je zelf werkelijk waard bent in je vak.Vinden dat je onderbetaald wordt is een gevoel; weten wat het tarief is, is een feit. Dat feit opzoeken is een handeling van een middag en volledig van jou.
  • Of je vraagt om wat je waard bent in plaats van erover te mopperen.Mopperen kost jaren en verandert niets. Eén gesprek of één aangepast tarief kost een middag. Hier struikelen mensen omdat het tweede eng is en het eerste vertrouwd.
Niet van jou
  • Wat de markt voor zijn werk betaalt.Prijzen komen tot stand uit duizenden beslissingen van vreemden en volgen geen morele rangorde. Kwaliteit en beloning lopen vaak samen op en zijn niet hetzelfde.
  • Dat je het oneerlijk vindt.Dat oordeel dient zich aan zonder dat je erom vraagt, en het is niet dwaas. De Stoïcijnen zouden alleen vragen wat je ermee gaat doen zodra het er is.
  • Of hij minder verdient nadat jij vindt dat het onterecht is.Zijn beloning verandert niet door jouw oordeel. Het enige wat je oordeel bereikt als je het laat staan, is dat je zelf minder plezier hebt in werk dat je goed doet.
De redenering. Geld naast een ander leggen doet iets wat geld alleen niet doet: het verandert een bedrag in een cijfer voor je waarde. De splitsing haalt die twee weer uit elkaar. Zijn tarief, de markt en de eerste steek staan links. Wat jouw vak waard is uitzoeken, ernaar vragen, en weigeren om zijn strookje tot maatstaf te maken staan rechts, en dat zijn alle drie dingen van deze maand.
De situatie
Je krijgt onverwacht een flink bedrag.
Van jou
  • Of je een maand wacht voordat je iets groots beslist.Geld dat binnenkomt vraagt om beweging en dat is precies het verkeerde moment om te beslissen. Wachten is een handeling en is volledig van jou.
  • Of je je leven eraan aanpast of het naast je leven zet.Hier zit het onderscheid dat alles bepaalt. Uitgaven die je vaste lasten verhogen veranderen je leven blijvend; een eenmalig bedrag doet dat niet, tenzij jij het laat.
  • Of je iets weggeeft.Geen morele verplichting maar wel een toets. Wat je met gemak kunt weggeven, bezit je; wat je niet kunt missen, bezit jou.
Niet van jou
  • Dat het je toevalt.Erfenis, bonus, meevaller. Het kwam niet doordat je het verdiende in de morele zin en het kan even goed uitblijven bij de volgende.
  • Wat anderen ervan vinden dat je ermee doet.Er komt altijd iemand met een mening en soms met een verzoek. Hun oordeel is buiten je bereik; wat je erover vertelt is dat niet.
  • Of het bedrag zijn waarde houdt.Markten, rente, inflatie. Je kunt spreiden en je kunt niets garanderen, en wie dat wel denkt loopt het grootste risico.
De redenering. Een meevaller lijkt op geluk en werkt als een test. De Stoïcijnen hadden er geen bezwaar tegen: geld is materiaal, niet goed en niet slecht. Wat de splitsing zichtbaar maakt is dat vrijwel alles wat ertoe doet rechts staat, en dat het allemaal beslissingen zijn die je ook een maand later nog kunt nemen. Alleen de haast is van niemand.
De situatie
Een vriend vraagt geld te leen en je twijfelt.
Van jou
  • Het besluit, het bedrag en de voorwaarden.
Niet van jou
  • Of hij terugbetaalt en hoe hij met het geld omgaat.
  • De reden waarom hij het nodig heeft.
De situatie
De energierekening valt fors hoger uit dan verwacht.
Van jou
  • Je verbruik, je contract en je buffer.
  • Het verwijt aan jezelf dat je dit had moeten zien aankomen.
Niet van jou
  • De prijs per kilowattuur.
De situatie
Je auto moet onverwacht voor een fors bedrag naar de garage.
Van jou
  • Repareren of vervangen, en de buffer.De offerte vergelijken, de afweging maken, en de klap opvangen met wat je opzij had staan, of de les trekken om dat alsnog op te bouwen: dat is allemaal van jou, en het kan deze week nog.
Niet van jou
  • Dat de auto kapot ging en wat de reparatie kost.Onderdelen slijten en rekeningen komen onverwacht; machines vragen niet om toestemming. De schrik wil dat dit oneerlijk is, maar slijtage kent geen rechtvaardigheid, alleen kilometers.
  • Of hij het nog een keer doet.De monteur kan het maken en toch belooft niemand je een jaar zonder pech. Die onzekerheid hoort bij alles wat rijdt en slijt. Je koopt met de reparatie een werkende auto, geen garantie op de toekomst.
De redenering. De rekening stelt maar één vraag: wat valt er nu te kiezen? Al het andere is commentaar.
De situatie
Een vriend die nog geld van je heeft openstaan, vraagt opnieuw om een lening.
Van jou
  • Je ja of nee, het bedrag en de vorm.Leen alleen wat je kunt geven, en kies bewust: ja met open handen, of nee met open vizier. Beide zijn vriendschap; alleen het halfslachtige midden is dat niet.
  • Wat je van de vriendschap maakt als hij niet kan terugbetalen.Dat moment hoeft geen breuk te zijn; het wordt er een als de lening stilzwijgend een meetlat werd. Wie vooraf besluit dat het bedrag de vriendschap niet mag kosten, heeft dat besluit straks klaarliggen.
Niet van jou
  • Zijn situatie, en of hij terugbetaalt.Hoe hij erin kwam en of het geld terugkomt, blijft van hem, ook met de beste afspraken op papier. Wie dat wil bewaken, wordt schuldeiser in zijn eigen vriendschap.
De redenering. De lening verandert het geld; laat haar de vriendschap niet veranderen. Dat tweede heb jij in de hand.
De situatie
Een familielid vraagt of je borg wilt staan voor een lening.
Van jou
  • Jouw ja of nee.Een echte beslissing, geen beleefdheid. Borg staan betekent het bedrag kunnen kwijtraken zonder er invloed op te hebben; precies de combinatie die deze oefening je leert herkennen. Zeg alleen ja als je het verlies kunt dragen én de relatie het kan overleven.
Niet van jou
  • Zijn financiële situatie, en wat hij met het geld doet.Hoe hij erin kwam en hoe het afloopt, blijft buiten jouw zicht en buiten jouw greep; borg staan geeft geen stuur, alleen risico.
  • Hoe de familie erover praat als je nee zegt.Een nee tegen een borgstelling wordt aan verjaardagstafels soms een nee tegen de familie. Dat verhaal schrijven anderen, met hun eigen pen. Wie ja zegt uit angst voor dat verhaal, betaalt straks in geld wat hij nu niet in ongemak wilde betalen.
De redenering. De handtekening is klein en het bakje erachter is groot; teken alleen wat je kunt dragen zonder terug te kijken.
De situatie
Je krijgt onverwacht een flinke teruggave van de Belastingdienst.
Van jou
  • Wat je ermee doet.Juist bij meevallers verdwijnt geld het snelst, omdat het niet aanvoelt als verdiend. Het oude advies werkt nog steeds: laat het dertig dagen staan zonder plan. Wat je na een maand nog wilt, wilde je echt; de rest was de opwinding van het moment.
Niet van jou
  • Dat het bedrag binnenkwam.Meevallers laten zich niet plannen en niet herhalen; dit was de wereld die even jouw kant op rolde, geen prestatie en geen belofte.
  • Dat iedereen er ineens een mening over heeft.Zodra een meevaller bekend wordt, melden de adviseurs zich vanzelf: beleggen, verbouwen, “nu of nooit”. Die koren zingen over hun eigen wensen, niet over jouw geld. Je hoeft de dertig dagen stilte aan niemand uit te leggen.
De redenering. Het geld kwam zonder plan; geef het er niet meteen een. Dertig dagen stilte scheiden de wens van de opwinding.

Stellingen bij dit onderwerp

Waar of onwaar? Het antwoord staat erbij; de redenering erachter krijg je bij het oefenen.

Gebeurtenissen bij dit onderwerp

Elke gebeurtenis staat hieronder al gesorteerd: van jou, niet van jou, of allebei. Dat sorteren is de oefening.

Oefen dit zelf

Yours, Not Yours · Een stoïcijnse oefenplek · Alle casussen · Vraag of suggestie